Martinus Cuperus (Maarten de Cuypere)

Was ingetreden bij de karmelieten in Mechelen, heeft een doctoraat theologie behaald in Leuven, werd prior van het klooster in Antwerpen, werd provinciaal van Neder-Duitsland, werd bisschop van Calcedoniƫ en wijbisschop van Kamerijk, werd benoemd tot abt van de benedictijner abdij van Crespin. Was zeer actief ten tijde van de Beeldenstorm voor het herwijden van de kerken, kapellen en kloosters. Bleef bij de oprichting van het bisdom Mechelen wijbisschop van Kamerijk maar was actief in het bisdom Mechelen. Werd ermee belast de stoffelijke resten van Karel de Stoute in Nancy te halen en terug te brengen naar de Nederlanden (Luxemburg).

Terug naar begin van deze tekst
Terug naar de algemene inhoud